Primitivo Salento IGP ‘Pruneo’ 2025
De Primitivo Salento IGP van San Giorgio is het ultieme icoon van het zonnige Zuiden. Deze verleidelijke, dieprode wijn met aroma’s van rijpe pruimen, zwoele bramen, vanille en een vleugje chocola. Fluweelzacht en heerlijk vol smaak. De perfecte partner bij gegrild rood vlees, rijke pasta’s en gekruide stoofgerechten.
Specificatie:
Naam Primitivo Salento IGP ‘Pruneo’
Druif 100% Primitivo
Streek Puglia, Taranto
Producent San Giorgio
Jaargang 2025
Alc. 13.5%
Smaakprofiel In het glas schittert hij diep robijnrood met een paarsrode gloed. Het warme, uitnodigende boeket barst direct los met aroma's van zoete pruimen, zwarte kersen, bramenjam, verleidelijke vanille en melkchocolade. In de mond ervaar je een gulle, full-bodied structuur met een heerlijk romig mondgevoel en een subtiele, natuurlijke fruitzoetheid in de aanzet. De tannines zijn extreem fluweelzacht en afgerond. Dit geeft de wijn zijn kenmerkende, toegankelijke karakter zonder dat hij stroef wordt. De finale is indrukwekkend lang, warm en verleidelijk met een nagenieting van rijp donker fruit en cacao.
Serveertip Deze veelzijdige rode wijn is de absolute koning op tafel en schittert naast rijke, smaakvolle en gegrilde gerechten. Of je nu de barbecue aansteekt voor sappige steaks, spareribs in een zoete marinade of malse lamskoteletten; deze wijn zorgt voor een smaaksensatie. Ook bij Italiaanse comfortfoods zoals ambachtelijke pizza's en rijke pasta's met een volle vleessaus is hij de perfecte match. Laat hem gerust samensmelten met langzaam gegaard draadjesvlees of gekruide mediterrane ovenschotels. En de borrel? Die sluit je in stijl af met een goed glas naast gedroogde vleeswaren en pittige, gerijpte kazen zoals oude Goudse of Pecorino.
Serveertemperatuur 16-18°C
Bewaarcapaciteit 3 jaren
Vinificatie Het vinificatieproces van de Primitivo Salento IGP door San Giorgio (Tinazzi) is technisch ingericht op het reguleren van de snelle suikeraccumulatie van het ras en het optimaliseren van de extractie van zachte fenolen. De oogst vindt plaats tussen eind augustus en begin september om een adequate aciditeit te behouden en overrijping te voorkomen. Na aankomst in de wijnmakerij in Faggiano ondergaan de druiven een mechanische ontsteling en een milde kneuzing, waarbij de pitten intact blijven om de extractie van bittere, harde tannines te vermijden. De alcoholische fermentatie en maceratie verlopen gedurende 8 tot 10 dagen in roestvrijstalen tanks bij een gecontroleerde temperatuur van 22-26 °C. Periodieke remontage zorgt hierbij voor een beheerste extractie van anthocyanen en soepele tannines uit de schil. Na de persing volgt een volledige malolactische gisting op tank, waarbij de scherpere appelzuren bacterieel worden omgezet in mildere melkzuren om de textuur en viscositeit te verhogen. Tot slot ondergaat de wijn een korte, gecombineerde rijping: deels op RVS ter preservatie van de primaire fruitaroma's, en deels op eikenhouten vaten voor micro-oxygenatie en de integratie van eikenlactonen (vanille en cacao), waarna filtratie, koudestabilisatie en botteling plaatsvinden.